De Strandwachtpost

Een zomeravond in juli. Het donkere, lege strand strekt zich voor me uit en de maan werpt licht op de schuimkoppen op het water. Er is niemand op het strand, niemand die mij voorbij ziet rennen, zo hard als ik kan, alsof de duivel me op de hielen zit. Mijn ademhaling gaat snel en ik voel me opgejaagd. Ik kijk achterom en zie een donkere schim de hoek om en het strand op komen.

De man uit wiens handen ik probeer te blijven. Lang, atletisch, stukken fitter dan ik ben en op dit moment veel dichterbij dan ik dacht!

Ik voer mijn tempo verder op en probeer mijn voorsprong te vergroten. Moeizaam ren ik door het rulle zand. Waar kan ik heen? Koortsachtig kijk ik rond, maar ik kan me nergens verstoppen. Rechts beuken de golven op de kust – het donkere, kolkende water doet angstaanjagend aan zo laat op de avond – en links van me liggen de duinen met daarachter het dichte bos. Als ik daarin loop kom ik er nooit meer uit. Achter me hoor ik gehijg, hij komt steeds dichterbij. Ik slaak een kreet. Het zand piept onder mijn blote voeten, mijn borst brandt, mijn benen verzuren, maar ik moet door. In de verte doemt een wit gebouwtje op. De strandwachtpost! Zou daar op dit uur nog iemand zijn? Met hernieuwde energie versnel ik mijn pas. Als ik niet wil dat hij me te pakken krijgt moet ik hier weg zien te komen. Dan hoor ik opeens een plof achter me. Hij is gestruikeld. Terwijl hij vloekend probeert op te krabbelen uit het losse zand maak ik gebruik van het moment en schiet de strandovergang op, op weg naar de strandwachtpost…

Daar aangekomen is alles donker. Ik rammel aan de deur, maar die zit op slot. Shit. Snel ren ik om het gebouw heen naar de deur van de douches. Die is wel open en ik glip naar binnen. De zware deur valt met een klap achter me dicht. Even sta ik met mijn handen op mijn knieën uit te hijgen, maar dan recht ik mijn rug en druk me tegen de muur. Buiten is het stil. Ik spits mijn oren en houd mijn adem in, maar het enige wat ik hoor is de ruisende zee. Opgelucht laat ik de lucht uit mijn longen ontsnappen, misschien is hij toch de andere kant op gerend, terug richting het dorp. Ik probeer door de kier van de deur te kijken, maar net als ik mijn hand op de klink leg hoor ik buiten een knerpend geluid. Voetstappen op het schelpenpad. Mn hart schiet in mijn keel. Als hij nu binnenkomt, ziet hij me gelijk. Heel langzaam loop ik naar de andere kant van de ruimte en verstop me achter een muurtje. Dan gaat de deur piepend en krakend open…

Het besef dat ik hier nooit weg ga komen overvalt me en ik onderdruk een kreun. Opeens flitsen de lichten aan. “Kom op Em, ik weet dat je hier zit. Moet ik je komen halen, klein kreng van me?”. Ik houd mijn adem in en hoor hoe hij rondloopt. Arrogant, op zijn gemak, wetende dat hij zo meteen alle tijd heeft om zich met me bezig te houden. Dan is het stil. Ik wacht, maar er gebeurt niets. Net als ik denk dat hij weg is hoor ik een tik en springen de douches aan! Een plens ijskoud water golft over me heen en ik slaak een gil. Ik neem een sprong onder de douche uit en dan sta ik oog in oog met mijn schaterende vakantieliefde. “Ik zei toch dat ik je te pakken zou krijgen” zegt hij. Hij kijkt me met pretoogjes aan en in drie grote passen is hij bij me.

Ik bibber van het koude water en snel neemt hij me in zijn sterke armen. Mijn jurkje plakt aan mijn lichaam en hij kijkt goedkeurend naar beneden. “En wat is nu mijn prijs, nu ik je gevangen heb?” fluistert hij in mijn oor. Als antwoord stroop ik het doorweekte stofje van mijn lijf en trek hem mee onder de inmiddels wat warmere douches. Met mijn bikini nog aan ga ik op mijn hurken voor hem zitten, maak de knoopjes van zijn doorweekte spijkerbroek los en trek zijn broek op zijn knieën. Met mijn tong ga ik langs zijn bovenbenen omhoog. Hij kreunt en kijkt me met een verwilderde blik aan. Hij wil meer. Ik zie het, ik voel het. Ik bijt hem zachtjes en kijk hem dan aan, langzaam sta ik op. Mijn handen reiken achter mijn rug en mijn bikinitopje valt op de grond. Kleine waterdruppels stromen tussen mijn borsten door en ik huiver. Dan haak ik mijn duimen achter mijn bikinibroekje en ik laat het langzaam langs mijn heupen omlaag glijden. Ik schop het aan de kant, druk mijn natte naakte lichaam tegen hem aan en geef hem een trage zoen. Dan pak ik zijn hand en breng die tussen mijn benen. “Voel je dat?” vraag ik, terwijl ik zijn vingers in me duw en op het ritme van mijn woorden beweeg ik zijn vingers diep in me. “Daarin. Diep. Hard. Nu. Op het strand!” En na die woorden draai ik me om en ren ik de deur uit, het strand op. Eens zien of hij me nog eens te pakken krijgt…

Ik schreef dit verhaal voor het Eroticafest van NBR Plaza.

De strandwachtpost bestaat echt (zie foto) en mijn vakantieliefde ook (na jaren nog steeds).

Advertenties

7 gedachten over “De Strandwachtpost

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s